• start
  • biografie
  • opdrachtgever
  • nieuw 10
  • contact
  • oproep

Opdrachtgevers » Vriendin » artikel ...


Nooit meer bang: over het overwinnen van fobieën


We zijn allemaal wel eens bang. Maar deze vrouwen waren zo angstig dat het hun leven bepaalde. Ze waren als de dood voor paniekaanvallen op straat, voor een rinkelende telefoon en voor overgeven. Maar dat is verleden tijd. Na een goede, passende therapie zeggen ze nu stralend: ik ben nóóit meer bang!

Cindy de Groodt (27):

Tot mijn vijfde jaar heb ik nooit iets gezegd. En toen ik eindelijk begon te praten, kwamen mijn woorden er stotterend uit! Toch heb ik daar nooit onder geleden. Ik trok me er gewoon niets van aan. Spreekbeurten vond ik wel vervelend. Tijdens één zo’n spreekbeurt, ik was toen elf, zat een klasgenoot te turven hoe vaak ik het woordje ‘eh’ zei. Ik werd zó woest dat ik hem ben aangevlogen. Daarna heeft niemand ooit nog iets durven zeggen. Ook op de middelbare school niet. Die spreekbeurten bleven wel een probleem – ik meldde me altijd ziek op die dagen – verder kon ik mij prima redden. Iedereen heeft wel iets, toch? De een is te dik, de ander heeft een erge ziekte, ik stotterde. Pech. Ik had evengoed een leuk leven met veel vrienden en vriendinnen. Ik kwam niet onzeker over, sterker nog, mensen vonden mij wel eens arrogant! Maar toen ik op mijn achttiende op mezelf ging wonen en opeens van alles telefonisch moest regelen, kreeg ik telefoonangst. Echt heel hevig. Het begon toen ik een keer belde naar het elektriciteitsbedrijf. Ik kwam er totaal niet uit. Het lukte me helemaal niet om duidelijk te maken waar ik voor belde. Gauw heb ik opgehangen, ik schaamde me kapot. Na nog een paar van dat soort afgrijselijke ervaringen wilde ik deze telefoontjes absoluut niet meer doen; ik strikte gewoon mijn vriend, moeder of broer om het voor mij te regelen. En ik was dolblij met de uitvinding van de mobiele telefoon. In plaats van te bellen kon ik nu lekker sms’en! Jarenlang heb ik zo min mogelijk gebeld. Ook op mijn werk bij Defensie belde ik nooit! Want als ik maar bij een rinkelende telefoon in de buurt kwam, begon ik te zweten, werd ik rood en kreeg ik gigantische hartkloppingen. Toch proberen, heb ik één keer gedacht, maar toen ik opnam voelde ik me helemaal verstikt. En die ander maar “Hallo, hallo?” roepen. Wat een afgang. Sinds die keer liep ik gauw de kamer uit als de telefoon ging. Gelukkig had mijn baas er wel begrip voor. Maar toen ik mijn avondstudie tot secretaresse afrondde, vond ik dat ik toch wel moest leren telefoneren. Daarom heb ik mij aangemeld bij het Del Ferro Instituut in Amsterdam. Ik deed er een tiendaagse cursus om helemaal van het stotteren af te komen. Dat krijg je voor elkaar, zo leerde ik, door je op je middenrif te concentreren. Door middel van hun techniek lukt het om altijd vloeiend te spreken. De eerste dagen voelde ik me mij nog niet zo op mijn gemak, later kreeg ik de techniek beter onder de knie. Het werkte inderdaad! En tijdens de telefoontraining die we op de achtste dag kregen kon ik zomaar vloeiend in de hoorn praten! Dat was helemaal super. De tien dagen vlogen om, daarna moest ik het thuis in de praktijk gaan brengen. Op de eerste dag dat ik weer op mijn werk zat, begon de telefoon om kwart over negen te rinkelen. Ik sprong op, concentreerde mij op mijn ademhaling en nam toen zonder te stotteren op! En ik zei álles wat ik maar wilde, supertof. Mijn collega’s zaten me met open mond aan te kijken. Ook zélf bellen ging heel goed. Ik genoot er zo van dat ik dit eindelijk kon, dat ik iedereen opbelde die me te binnen schoot. Het is nu al een maand of vijf geleden dat ik de therapie heb afgerond en het gaat nog steeds heel goed met het spreken én met telefoneren. Als ik een rinkelende telefoon hoor breekt het zweet mij niet meer uit. Nee, ik ben niet bang dat mijn angst weer terugkomt. Voortaan heb ik het zélf in de hand!

Meer informatie: www.delferro.nl

Monique Berends (39):

Veertien jaar was ik aan huis gekluisterd. Ik had straatvrees en waagde me onder geen beding ver van mijn vertrouwde omgeving. Jarenlang ben ik letterlijk niet verder geweest dan mijn eigen voordeur, later werd mijn cirkel iets groter en durfde ik wel boodschappen te doen en naar de school van mijn kinderen. Maar zodra ik verder wilde dan een kilometer of drie klopte mijn hart mijn borst uit. Het begon toen ik begin twintig was. Ik had enorm veel stress op mijn werk en begon me steeds slechter te voelen. Verkeerde ademhaling, problemen met mijn darmen, geen zin in sociale verplichtingen. En op de dag dat mijn vader een hartaanval kreeg en werd afgevoerd naar het ziekenhuis, kreeg ik een heftige paniekaanval. Ik durfde niet meer naar buiten, voor geen miljoen. En dat bleef zo. Mensen begrijpen het vaak niet. Ze denken: ach, zet je er toch overheen, hup. Maar zo werkt dat niet. De angst is zo heftig dat hij je verlamt. Volledig, totaal. Ik heb jaren zo voortgemodderd. Ik kwam nergens meer, raakte in een isolement. Gelukkig leerde ik via een babbelbox een man kennen met wie ik twee kinderen kreeg. Ik probeerde er toch wat van te maken, hoe beperkt mijn wereldje ook was. Ik ben vaak wanhopig geweest, toch heb ik altijd vertrouwen gehouden dat ik er ooit vanaf zou komen. Dat móest gewoon. Maar ja, hoe? Ik heb de gekste therapieën gevolgd, van hypnose tot wortelsapkuren, maar niets hielp. Toen las ik op internet iets over het Angstcentrum in België. Het sprak me meteen aan. En toen ik met hun therapeut Jos belde, was ik helemaal overtuigd. Hij wist waarover hij sprak, want hij heeft zelf ook straatvrees gehad en hij zei precies de juiste dingen. Ik voelde mij echt in goede handen. Dus ik stemde in dat hij me op zou halen om mee naar België te gaan… Ik, die veertien jaar mijn eigen wijk niet was uitgeweest! Ik was volledig versuft van de kalmeringspillen toen hij kwam, maar ik heb het voor elkaar gekregen om in de auto te stappen en eenmaal in België heb ik alles gedaan wat hij zei. Ik moest voortdurend door mijn angst heen en met hem naast mij lukte dat. Aan het eind van de drie therapiedagen heb ik in mijn eentje een uur gewinkeld in een vreemde stad! Voor de meeste mensen iets doodnormaals, voor mij al die jaren totaal onvoorstelbaar. Ik voelde me zó gelukkig! Eindelijk had ik mijn leven terug. Thuis was het nog hard knokken, maar ik bleef oefenen, iedere dag weer. Ik croste heel het land door. Wat een kick! Ik werd letterlijk een ander mens, veel zelfverzekerder en zelfstandiger. Zo zelfstandig, dat ik besloot bij mijn man weg te gaan: eigenlijk was ik al jaren niet meer gelukkig, maar ik durfde de stap nooit te zetten. Nu wel. Al snel ontmoette ik een nieuwe liefde en woon nu met mijn eigen kids bij hem, in een andere stad. Het bleef heel goed met me gaan, maar helaas heb ik vorig jaar een terugval gehad. Ik raakte in verwachting en de zwangerschap verliep heel rottig. Ik kreeg last van bekkeninstabiliteit en andere zwangerschapskwalen en ik kwam dertig kilo aan. Omdat ik me lichamelijk zo slecht voelde, was ik veel thuis, en daarmee kwam mijn angst een beetje terug. Een béétje maar: zo erg als het was, is het godzijdank nooit meer geworden. Na de bevalling ben ik stukje bij beetje weer aan het oefenen en het gaat alweer stukken beter. Eigenlijk is het vooral de snelweg die mij nu angst aanjaagt, zodat ik niet door het hele land kan reizen. Ik heb nog steeds last van de naweeën van mijn zwangerschap, maar zodra ik weer helemaal lekker in mijn vel zit ga ik daar weer verder aan werken. En ik weet nu hoe ik het moet aanpakken. Doorzetten, op je ademhaling letten, door je angst heen gaan, rustig, zonder iets te forceren. Ik heb vertrouwen in mezelf, ik red het wel weer. Tegen iedereen die ook straatvrees heeft zou ik willen zeggen: geef de moed nooit op, want je kunt het écht overwinnen!

Meer informatie: www.angstcentrum.be

Marieke Maring (25):

Achteraf gezien is mijn angst voor ziekte, en dan vooral voor buikgriep, altijd al aanwezig geweest. Al vanaf dat ik een heel klein kindje was. Maar ik werd me er pas van bewust toen ik als juf voor de klas kwam te staan. Daarvoor had ik wel veel last van onbestemde spanningsklachten, maar ik kon er niet de vinger opleggen waar die vandaan kwamen. Nu stonden er opeens regelmatig kinderen voor me die zeiden dat ze zich niet lekker voelden, en als juf kun je dan natuurlijk niet de benen nemen, zoals ik vroeger altijd wel deed in zulke situaties. Bloednerveus werd ik ervan. Ik was voordurend bang dat iemand mij zou aansteken. Ik kan niet verklaren waarom, maar buikgriep is voor mij gewoon het engste dat er bestaat. Misschien juist omdat ik het niet ken: ik heb het nog nooit gehad! Het lijkt me zo vreselijk omdat alle controle dan totaal kwijt is. Je weet niet hoe lang het duurt, hoe je je zult voelen, wat er zal gaan gebeuren, et cetera.

Mijn probleem heet emetofobie, daarnaast heb ik ook dwanghandelingen, zoals smetvrees en dwanggedachten. Ik weet rationeel heus wel dat het niet zo erg is om te moeten overgeven, toch beheerste de angst om ziek te worden lang mijn leven. Ik was er continu mee bezig. Als ik iemand zijn veter zag dichtknopen, dacht ik al dat hij stond te overgeven. In iedere kuch of nies zag ik griep. En het werd steeds erger, steeds meer onderdelen van mijn leven waren erop gericht om maar niets op te lopen. Alles stond in het teken van gezond eten, mijn huis goed schoon houden, op tijd naar bed, geen alcohol drinken, voortdurend mijn handen wassen, en níet uit eten te gaan, want wie weet wat ik daar zou oplopen?

Vooral op school had ik het zwaar. Het lesgeven ging uitstekend, maar tegelijkertijd was het in mijn hoofd steeds aan het spoken. Waarom is dat kind zo bleek, waarom rent die jongen zo hard naar de wc? Hee, die daar heeft zijn hand op zijn buik, is er iets mis?

Omdat ik mijn werk juist zo geweldig leuk vind, heb ik besloten iets aan mijn probleem te gaan doen. Dat is nu vier jaar geleden, het is een lange zoektocht geworden. In eerste instantie kreeg ik alleen een bepaald antidepressivum voorgeschreven. Dat hielp wel iets, ik werd er wat rustig van. Later belandde ik bij een psycholoog, die leerde me mediteren. Maar dat was niets voor mij. Bij een ander heb ik veel gepraat: daar kreeg ik goed inzicht in mezelf, en we maakten een stappenplan om van mijn angst af te komen. Maar toen kreeg mijn vriend buikgriep en bleek in de praktijk alles toch weer in duigen te vallen!

Een half jaar geleden ben ik bij een nieuwe instelling gekomen en daar voel ik me eindelijk helemaal op mijn plek. Maatkracht heet het. Ze werken er vanuit ervaringsdeskundigheid. Wonderlijk genoeg hoefde ik daar niets uit te leggen, zij konden nog beter benoemen wat ik had dan ikzelf. Op aanraden van mijn therapeut daar ben ik van medicijn geswitcht, waardoor ik nog rustiger werd, en ze heeft me geleerd om door middel van goede ademhaling mijn paniek en angst in bedwang te krijgen. Dat heeft echt geweldig effect. De chronische hyperventilatie, die ik door de spanning had gekregen, is daarmee goed beheersbaar. Daarnaast geeft ze me op om bepaalde ‘voorzorgsmaatregelen’ te laten. Hoe eng ook, geeft me dat veel rust. Zo mag ik van haar mijn theedoeken niet meer strijken – ik had gehoord dat daardoor alle bacteriën doodgaan – , het aanrecht niet meer te vaak boenen met schuurmiddel en ook niet meer te vaak gezonde wandelingen maken. Wanneer zij mij dat opdraagt, houd ik mij daar ook aan, en ik heb nu plotseling veel meer tijd om lekker tot rust te komen. Sinds ik deze therapie volg gaat het stukken beter met mij. Ik ben er nog niet, maar ik ben al wel een heel eind op weg. Misschien zal ik er nooit helemáál van af komen – dwang en angst zijn grote valkuilen – maar ik weet zeker dat het goed leefbaar gaat worden.

Meer informatie: www.maatkracht.com

© Lydia van der Weide 2007

Ga pagina terug  Ga naar boven

Heb je ook een interessant verhaal dat je (anoniem) in een tijdschift zou willen vertellen? Stuur dan een mail naar


© Lydia van der Weide