Opdrachtgevers » Viva » artikel ...
Ludo (26) valt op oudere vrouwen
Een halfnaakte Christina Aguilera doet Ludo (26) helemaal niets. Al sinds zijn puberteit valt hij op vrouwen die veel ouder zijn dan hij.
‘Een jaar of dertien was ik, toen ik ontdekte dat ik verschilde van de jongens in mijn klas. Zij keken naar leeftijdgenoten, giechelende pubermeisjes. Ik niet. Ik voelde de hormonen juist in mijn lichaam als ik naar mijn lerares Nederlands keek. Prachtig was ze, ze had van die mooie, sprekende ogen en ze kleedde zich zo goed. Soms flirtten we een beetje. Urenlang kon ik van haar dromen. Voor mij was dat niet raar, integendeel. Het voelde heel natuurlijk. Wat níet natuurlijk voelde, was die ene keer dat ik zoende met een meisje van mijn eigen leeftijd. Het leek me spannend om seksueel wat te experimenteren, maar ik wist meteen dit het niet was voor mij. Veel liever wilde ik iets uitproberen met een wat oudere vrouw. Maar die keken toen nog niet naar mij om.
Vanaf mijn achttiende begon dat gelukkig te veranderen. Inmiddels heb ik redelijk wat ervaring opgedaan met oudere, rijpere vrouwen en ik weet: dit wil ik, dit is wat bij mij past. Natuurlijk krijg ik daar geregeld rare blikken over. Het hoort niet, in onze maatschappij. Mensen begrijpen er niets van. “Meisjes van je eigen leeftijd zijn toch veel mooier?” krijg ik vaak te horen. Nou, dat vind ik dus helemaal niet. Ik vind vrouwen tussen de vijfendertig en de vijftig vele malen aantrekkelijker en interessanter. Ze hebben meer meegemaakt, staan sterker in het leven. Ze weten in de regel goed wat ze willen en wat ze niet willen. Toch zijn ze kwetsbaar, zo mooi is dat. Rimpels, nou en? Wat is daar mis mee, waarom zou dat lelijk zijn? Is dat niet vreselijk subjectief? Omdat de meeste mensen ‘jong & strak’ mooi vinden is dat de norm geworden, maar de norm is toch geen vaststaand feit? Dat iedereen met kerst gezellig doet, wil toch ook niet zeggen dat het eindelijk niet idioot is om een boom in huis te halen? Ik stoor me niet aan rimpels of aan huid die niet meer helemaal glad is. Ook niet aan wat kilo’s teveel of cellulitis. Veel belangrijker dan deze oppervlakkigheden is iemands uitstraling. Als ik Christina Aguilera op de televisie zie rondspringen, doet me dat simpelweg nul komma nul. Ik zou niet weten wat ik met haar zou moeten. Ik heb niet het idee dat zij ook maar één woord zou begrijpen van wat ik zeg, ik zie niets van mezelf in haar terug. Dus ik zou me bij haar ook niet veilig voelen. En die veiligheid, die is voor mij heel belangrijk. Het is iets dat ik in mijn jeugd heb moeten missen.
Ik kom uit een groot gezin waar veel ruzie was. Vaak sloot ik mij dan op in mijn kamer en luisterde met een koptelefoon naar muziek. Maar hoe hard ik die muziek ook zette, ik hoorde mijn ouders erdoorheen schreeuwen. Er vloog vaak van alles door de kamer. Ik had wel een moeder, maar toch ook eigenlijk weer niet: ze verwaarloosde ons emotioneel. Als ik bij haar kwam met een probleem luisterde ze gewoon niet, wuifde het weg. De enige aandacht die ik kreeg was negatief: als ze me de grond in kon trappen, liet ze geen kans voorbij gaan. Ik raakte daar zo depressief van, dat ik jong uit huis ben gegaan. Inmiddels heb ik met mijn hele familie gebroken. Dat ik geen echte moeder heb gehad, zal zeker van invloed zijn op mijn vrouwenvoorkeur, je hoeft geen psycholoog te zijn om die link te leggen. Ik hoor ook van anderen dat ik op wat moederlijke types val: warm, verzorgend, zacht. Toch heb ik zelf niet het gevoel dat ik een vervangende moeder zoek. Ik heb dat gemis verwerkt. Het heeft me sterker, zelfbewuster en zelfstandiger gemaakt. Volwassen. En, denk ik, tot een gelijkwaardige partner voor een wat rijpere vrouw.
Vanaf mijn achttiende ben ik bewust op zoek gegaan. Eerst deed ik dat door middel van contactadvertenties. Ik heb in die tijd verschillende afspraakjes gehad, maar dat was het telkens niet helemaal. Bovendien zat ik in die tijd toch nog erg in de knoop. Maar rond mijn twintigste heb ik een halfjaar een verhouding gehad met een vrouw. Vierendertig was ze, en ze woonde samen; ze wilde graag iets voor erbij. De eerste ontmoeting was geweldig. Ik was mijn hele leven nog nooit verder dan twintig kilometer van mijn woonplaats geweest, zij woonde aan de andere kant van Nederland. Dus naar haar toe reizen, dat was al een avontuur op zich. Vreselijk opwindend was het: wij zaten ’s nachts in de woonkamer te rotzooien, terwijl haar vriend in de kamer ernaast lag. Nee, netjes was dat niet, wel spannend. Haar relatie ging al snel uit. Een halfjaar lang hebben wij elkaar geregeld gezien, toen was het over.
Het was even slikken, maar eigenlijk was ik toch ook nog niet op zoek naar een vaste relatie. Ik wilde graag meer seksuele ervaring opdoen; hoe meer hoe beter. Ik vond het geen bezwaar het ‘jonge blaadje’ te zijn waaraan rijpere vrouwen zich tegoed deden. Ik heb verschillende afspraken gehad via datingsites, vaak was dat erg kicken. Zowel voor de dame in kwestie als voor mij. De oudste vrouw met wie ik het heb gedaan, was eenenvijftig. Deze avonturen waren een tijdje waanzinnig spannend. Tot ik genoeg kreeg van die vrijblijvende seks. Ik wilde meer, langer, dieper contact. Maar ik ontdekte dat veel vrouwen mij eigenlijk alleen gebruikten. Seks met mij was voor hen een manier om zich even jonger te voelen. Ook de complimentjes van zo’n jonge jongen als ik, zorgen voor een kick. Vroeger was ik daar heel makkelijk in, zei ik honderd keer tegen een vrouw hoe mooi ze was. Omdat ik dat méén. Maar nu wil ik niet langer een pion in hun spel zijn, alleen om hun zelfvertrouwen op te vijzelen. Vrouwen zeggen ook vaak dingen tegen me als: “Ik snap niet wat je eraan vindt, met zo’n oude doos als ik,” en kijken me dan verwachtingsvol aan om het tegendeel te horen. Of ze zeggen: “Mijn zoon vindt mij een fossiel.” Ja, én, denk ik dan, waarom zeg je dit tegen mij? Ik vind het jammer voor veel vrouwen, die ik zo prachtig vind, dat hun leeftijd zo’n grote rol speelt. Ze kunnen daar zó onzeker over zijn. Soms, wanneer ik een vrouw via de mail benader, schrijft ze meteen terug: “Wat moet je met zo’n afgelikte boterham als ik?” Of: “een ingereden paard.” Dat zijn hún woorden! Sommige vrouwen denken dat ze niet meer meetellen na hun veertigste. En dat, terwijl vrouwen van in de veertig eigenlijk juist in de bloei van hun leven zijn, want ze zijn zo ongeveer op de helft! Maar we leven in een maatschappij waarin de media propageert dat alles jong en strak moet zijn. Een maatschappij waarin een relatie tussen een jongere jongen en een oudere vrouw wordt afgekeurd, een taboe is, terwijl het andersom wel, in ieder geval veel meer, wordt geaccepteerd. Een oudere man met een jong meisje wordt een stoere vent genoemd, andersom vinden mensen het raar, zielig, of ze denken dat het alleen om de seks gaat. Dat beeld beïnvloedt veel vrouwen. Zelfs vrouwen die zichzelf ruimdenkend noemen.
Zoals Sylvia, een vrouw die ik vorig jaar heb ontmoet. Ze was zevenenveertig. De eerste keer dat we elkaar aan de telefoon spraken was het al zo leuk dat we direct diezelfde week nog een afspraak maakten. Ik vermoed dat zij vooral met mij wilde afspreken voor de seks. Maar toen we elkaar zagen was er zo’n chemie tussen ons dat we elkaar vierentwintig uur niet meer hebben losgelaten. Het was veel meer dan seks, het was een complete explosie van intimiteit, genot, respect, begrip, gezelligheid. Ik wist van mezelf niet dat ik zo’n knuffelbeer kon zijn. Ik vond het fantastisch om te zien dat zo’n sterke, volwassen vrouw zo weg kon zijn van mij, dat al haar zekerheden opeens wankelden en dat ík dat bij haar teweeg had gebracht. Anderhalve maand zijn we intensief met elkaar omgegaan, tot ze belde dat het over moest zijn. “Jij gaat verder met jouw leven, Ludo, en ik met het mijne,” zei ze, en dat was het. Het ging ongetwijfeld om de leeftijd. Ze zal hebben gedacht: beter nu weg zijn, dan er nog verder in raken en het dan niet meer kunnen verbreken. Ik heb flink gejankt, ik vond het echt erg. Maar ik voelde me niet afgewezen. Want het had niets met óns te maken, met haar en mij, met hoe wij zijn, want dat kon niet beter. Alleen door die stomme opgelegde norm van onze maatschappij ging het dus niet. Die norm, ík maak mij daar niet druk om. Het is mijn leven, ik volg mijn hart. Ik denk er niet aan om ‘dan maar’ wat met een meisje van mijn leeftijd te beginnen. Dat is gewoon totaal geen optie. Gelukkig respecteren mijn vrienden mij hoe ik ben. Mijn beste vriend – die overigens al vierenveertig is – begrijpt voldoende hoe ik denk om er geen waardeoordeel over te hebben. Vroeger waren er nog wel eens mensen uit mijn omgeving die flauwe grappen maakten. Dan liep er een vrouw ‘op leeftijd’ voorbij en dan riepen ze: “Ludo, daar val jij toch op?” Flauw. Zij vallen toch ook niet op íedere jonge meid? En ze dachten altijd dat ik hen vooral in bed wilde krijgen. Maar ik benadruk altijd: ik geil niet op rijpere vrouwen, ik vál op ze.
Inmiddels heb ik genoeg van vluchtige contacten. Ik heb me uitgeschreven op de datingsite, ik heb er geen vertrouwen in. Het heeft toch te weinig inhoud. Ik wacht wel tot ik haar vanzelf tegenkom, die ene vrouw van wie ik veel kan houden en met wie ik het gezellig kan hebben. Die mooie, verzorgde vrouw met pit, die toch zacht en lief is. Die ik gezelligheid kan bieden, respect en aandacht. Ik heb geen haast, maar als het op mijn pad komt, sta ik er zeker open voor. En de toekomst, hoe ik die dan zie? Tja, die zal er op de lange duur misschien iets minder rooskleurig uitzien, omdat de leeftijd mogelijk dan toch gaat spelen, maar dan denk ik: dat zien we dan wel weer. Is niet álles onzeker? Hoe weet je nu of een relatie eeuwig is, of er niets iets ergs gebeurt? Daar kun je toch geen zekerheid over krijgen, dus wat heeft het dan voor zin om me daar nu al druk over te maken?’
© Lydia van der Weide 2007
Heb je ook een interessant verhaal dat je (anoniem) in een tijdschift zou willen vertellen? Stuur dan een mail naar







