• start
  • biografie
  • opdrachtgever
  • nieuw 10
  • contact
  • oproep

Opdrachtgevers » Viva » artikel ...


Jannette hoorde stemmen:

Het horen van stemmen komt veel meer voor dan de meeste mensen denken. Ook bij mensen die géén psychiatrische stoornis hebben. Sommigen hebben steun aan hun stemmen, maar het kan ook voor veel problemen zorgen. Dan is het belangrijk om hulp te zoeken. Jannette (37) had geen baat bij haar psychiater, maar wel bij zichzelf. Zij bedacht zelf een methode om de stemmen kwijt te raken.

’Op een doordeweekse avond lag ik in bed. Ik was achttien en woonde nog bij mijn ouders. Op het moment dat ik bijna in slaap viel, hoorde ik iemand mijn naam roepen. Ik ben opgestaan om mijn ouders te vragen wat er was, maar zij waren het niet geweest. Hč? Ik snapte er niets van. Toen ik weer in bed lag, hoorde ik het opnieuw: ‘Jannette! Jannette!’ ‘Wie is daar,’ vroeg ik angstig. ‘Ik ben Jantje,’ zei de stem. Ik kon niemand onderscheiden in mijn kamer. Het was heel erg eng, maar ook wel spannend. Ik was altijd al geďnteresseerd in paranormale zaken en nu maakte ik zomaar dít mee! Jantje en ik kletsten wat. Hij zei dat hij een geest was en mij al heel lang kende. De volgende dag was ik ervan overtuigd dat ik het maar gedroomd had. Zoiets kon toch helemaal niet? Toch was ik niet zeker, en toen ik uit school kwam, ben ik direct naar mijn kamer gegaan. ‘Ben je daar nog?’ vroeg ik, een beetje spottend. ‘Ja hoor,’ zei de stem. Niet te geloven, wat indrukwekkend! Maar mijn nieuwsgierigheid ging gauw over. Jantje bleek heel vervelend. En hij was de hele dag bij me, waarheen ik ook ging.

Tot op dat moment was ik een doodnormaal meisje. Ik volgde een opleiding, had vrienden en vriendinnen, ging regelmatig uit. Ik was wel erg verlegen en wat onzeker, maar er was niets mis met mij. Maar plotseling stond mijn leven op zijn kop. De stem die ik hoorde begon me opdrachten te geven. Hij werd steeds dwingender. Zo moest ik steeds de trap op en neer lopen. Wanneer ik zijn bevelen niet op zou volgen zou hij me heel erg pijn doen. Hij was er constant, en hij wist alles; ik kon niets voor hem verbergen. Ik dacht dat ik gek werd! Hoe kon dit zomaar, wat was dit voor iets vreselijks? Twee weken heb ik mijn mond gehouden, in de hoop dat het overging, toen hield ik het niet langer. In paniek ben ik naar mijn ouders gegaan. Zij vingen me goed op maar ook zij schrokken erg, en samen met mijn moeder heb ik de huisarts bezocht. Hij reageerde heel fijn. Hij zei dat ik hem altijd kon bellen, zelfs midden in de nacht. Maar omdat hij zelf weinig wist over het horen van stemmen, verwees hij me door naar een psychiater. Die was ervan overtuigd dat de stem uit mezelf kwam. Ik had hem ‘bedacht’, het was mijn eigen fantasie. Hij schreef me medicijnen voor. Om te kunnen slapen waren die wel goed, want ik had al die tijd amper geslapen. Op pillen ben ik drie dagen onder zeil geweest. Maar daarna ging de stem gewoon door. Naast het geven van opdrachten, praatte Jantje vooral over seks. Wat hij wel allemaal met me zou doen... Soms voelde ik ook dingen die hij deed. En soms zag ik hem. Ik heb hem een keer in een boom gezien: een heel boos mannengezicht. Ja, ik weet het, het klinkt erg gek, maar voor mij was het realistisch. De pillen hielpen niets, en steeds meer ging ik maar gewoon doen wat Jantje me opdroeg. Dan voelde ik me veilig.

Als je stemmen hoort, wordt er meestal vanuit gegaan dat je schizofreen bent. Maar ik was niet psychotisch of in de war, ik kon nog heel normaal nadenken. Ik snapte ook in die tijd wel dat het heel bizar was dat ik Jantje maar steeds hoorde. En als hij me bijvoorbeeld zei dat ik kon vliegen, wist ik heel goed dat dat een leugen was. Maar ik kon gewoon niets tegen hem beginnen! Ik werd vaak woedend op die stem. Dan schreeuwde ik hysterisch dat hij weg moest gaan, dat ik hem haatte. ‘Ik blijf voor altijd bij je, je komt nooit van mij af,’ zei hij dan kwaadaardig.

School ging niet meer. Ik kon me niet concentreren, ik kon ook niets meer onthouden. Dat kwam ook door alle medicijnen die ik slikte. De dosis was heel hoog, ik liep er als een zombie bij. Om toch onder de mensen te blijven, mocht ik op mijn oude school vrijwilligerswerk doen. Maar langzaam raakte ik toch geďsoleerd. Mensen vonden me maar vreemd, vriendinnen begrepen me niet. Gelukkig heb ik heel veel steun van mijn ouders gehad. Pas een paar jaar geleden, nu het weer goed met me gaat, hebben ze eerlijk verteld hoe moeilijk zij het ook hebben gehad. Het was voor hen vreselijk om mij zo te zien.

Ik had iedere week een gesprek bij de psychiater. Ik vertelde hem over de seksuele intimidaties van de stem. Iedere keer probeerde mijn psychiater mij ervan te overtuigen dat de stem mijn eigen fantasie was. Ik had nog nooit met een jongen gevreeën en mijn psychiater meende dat ‘Jantje’ het steeds over seks had omdat ik mijn emoties onderdrukte; ik was seksueel gefrustreerd. Als ik maar met iemand naar bed zou gaan, zou de stem overgaan, wist hij. Eigenlijk geloofde ik hem niet, maar vooruit, hij was dokter, hij zou wel gelijk hebben. Ik wilde zo graag van die stem af, dat ik het toch probeerde. Ik ben uitgegaan en heb de eerste de beste jongen versierd. Maar in plaats dat het daarna beter ging, werd het alleen maar erger. Na een tijdje kwamen er zelfs nog twee stemmen bij. De ene noemde zich God, de ander de Duivel. Ik moest per se luisteren naar God, anders zou ik in handen van de Duivel vallen. Allebei gaven ze me tegenstrijdige opdrachten, knettergek werd ik ervan.

Deze periode heeft een paar jaar geduurd. Van een normaal meisje was ik een wrak geworden, met het stempel psychiatrisch patiënt. Ik voelde me erg eenzaam. Gelukkig is het nooit zover gekomen dat ik opgenomen hoefde te worden. Maar ik wist echt niet hoe het met mijn toekomst moest. Ik dacht dat ik de enige op de hele wereld was die dit had, tot ik op televisie iets hoorde over Stichting Weerklank. Deze stichting probeert het taboe rond het horen van stemmen te verbreken en geeft voorlichting en advies. Ze waren toen nog maar net opgericht. Wat was ik blij en opgelucht dat er andere mensen waren die dit ook meemaakten! Al gauw ben ik naar een bijeenkomst gegaan. Dat gaf me houvast en kracht.

In diezelfde tijd gebeurde er iets heel erg belangrijks. Op een dag zeiden de stemmen dat ik nu echt te ver was gegaan. Ik had niet goed geluisterd en moest daarvoor bestraft worden. In de nacht die kwam zou ik doodgaan en voorgoed in handen van Satan vallen. Panisch was ik. Toch ben ik in slaap gevallen. En de volgende ochtend werd ik gewoon wakker. Ik was helemaal niet dood!

Deze nacht is een keerpunt geweest. Ik realiseerde me dat wat mijn stemmen zeiden, onzin was. Ze kletsten maar wat. Ik hoefde helemaal niet naar ze te luisteren. Er viel een enorme last van me af: mijn angst. Ik voelde me heel vechtlustig. En ik dacht: we zullen wel eens zien, wie er nou sterker is, jullie of ik. Ik ging doen alsof ik de stemmen niet hoorde. Om ze buiten te sluiten, ging ik me concentreren op mijn eigen gedachten. Als ik die maar hoorde, overstemden die de drie kwelgeesten in mij. Bij alles wat ik deed ging ik bewust nadenken: ‘Dit is een lepel, dit is een vork. Ik leg ze op de tafel, omdat ik straks ga eten’ Dat gaf me controle. Tot dat moment had ik me altijd zo machteloos gevoeld. En mijn tactiek werkte: de stemmen namen af. Ze werden minder luid, minder overheersend. Ik raakte er steeds meer van overtuigd: als ik maar blijf doorgaan met ze te negeren, dan jaag ik ze weg. Dat is ook gelukt, al heeft het in totaal nog vijf jaar geduurd voordat ik ze voor 100% had uitgebannen.

Die laatste jaren heb ik tegen iedereen gedaan alsof er niets meer aan de hand was. Mijn psychiater had ik wijsgemaakt dat zijn behandeling – met iemand naar bed gaan – na een tijdje toch had geholpen. Ik wilde van hem af, ik had geen vertrouwen in hem. Met de medicijnen ben ik gestopt. Om de schijn op te houden zei ik ook tegen mijn ouders dat het beter ging. Ik ben op mezelf gaan wonen, om te kunnen ontsnappen aan hun blikken. En met nieuwe mensen sprak ik er natuurlijk ook niet over. Dat durfde ik niet. Ik had in die tijd een vriend, maar ik was ervan overtuigd dat hij me meteen zou verlaten als hij het wist. Pas toen onze relatie uitging, en hij me verweet dat ik altijd zo met mezelf bezig was, heb ik het hem verteld. Voor onze relatie was het toen te laat, maar hij had wel begrip voor me. Op dat moment was ik al bijna van de stemmen af. Op het laatste vielen ze me alleen ’s nachts nog lastig. En toen, op een nacht – ik was toen 26 jaar – bleven ze weg. Ik had gewonnen! Het was geweldig om weer vrij te zijn.

Waar die stemmen ooit vandaan gekomen zijn, dat weet ik nog steeds niet. Er is geen logische verklaring voor. Ook deskundigen zijn het er niet over eens. Het kan zijn dat de stemmen uit jezelf komen, zoals mijn psychiater beweerde. In de reguliere gezondheidszorg zijn ze daar meestal van overtuigd, maar waterdicht is dat niet. Zo is er bij mensen die stemmen horen, activiteit in de hersenen gemeten op momenten en plaatsen die absoluut niet verklaarbaar is. Maar in de psychiatrie werd altijd ontkend dat stemmen van buiten zouden kunnen komen. Het was dan ook gebruikelijk om bij behandeling niet te veel op de inhoud van de stemmen in te gaan. Daarmee zouden ze alleen maar bevestigd en versterkt worden. Doel was, de patiënten weer naar de werkelijkheid te trekken, en met de werkelijkheid hadden die stemmen immers niets te maken! Maar tegenwoordig zijn er ook psychiaters die ervoor openstaan dat de stemmen mogelijkerwijs wél van buitenaf komen. Prof. Dr. Marius Romme heeft hierbij een revolutionaire rol gehad. Hij heeft aangetoond dat slechts één op de drie mensen die stemmen horen psychiatrisch patiënt is. Bij zijn behandeling gaat hij er vanuit dat de stemmen echt zijn, omdat dat de genezing vaak positief beďnvloedt. Maar ook hij kan de stemmen niet verklaren. Dat kan niemand.

Persoonlijk heb ik er wel een mening over. Ik geloof, nog steeds, dat de stemmen die ik hoorde van buitenaf kwamen en niet uit mijn eigen fantasie. Ze klonken zó anders! Dat kan ik niet geweest zijn, dat wil er bij mij gewoon niet in. Ik geloof dat er veel geesten in onze wereld hangen, en dat ik door hen ben lastig gevallen. Door ongelukkige, chagrijnige geesten. Net zoals dat er mensen zijn die hun ellende op anderen afreageren, zo zullen er ook geesten zijn die er genoegen aan beleven mensen te kwellen. En ze pakken de mensen die heel gevoelig zijn, die zijn een makkelijke prooi. Maar ja, het blijft filosoferen, ik kan het niet bewijzen! Maar ach, dat hoeft ook niet. Iedereen mag denken wat hij wil. Alleen vind ik het jammer als mensen direct denken dat je hartstikke gek bent als je stemmen hoort. Of al snel zeggen: ‘Eens gek, altijd gek’. Want dat slaat nergens op, ik ken veel mensen die weer van de stemmen afgekomen zijn en een normaal leven leiden, net als iedereen.

Tegenwoordig praat ik regelmatig over mijn ervaringen. Vroeger niet, ik was bang voor reacties. En ik weet dat sommige mensen heel hard kunnen zijn. Maar ik schaam mij er niet meer voor. Het is me nu eenmaal overkomen. Ik werk tegenwoordig als vrijwilliger bij Stichting Weerklank. Ik vind het belangrijk om lotgenoten te helpen, omdat ik daar zelf veel aan gehad heb. En ik wil er voor vechten dat dit onderwerp wat meer bekendheid krijgt. Inmiddels ken ik vele andere mensen die met dezelfde problemen kampen. Ik heb twee vrouwen ontmoet die heel positieve stemmen hebben. Dat zijn echte maatjes, begeleiders. Zij zijn er dan ook heel blij mee, zij zouden hun stem niet kunnen missen. Maar de meeste mensen hebben last van negatieve stemmen. Die stemmen zeggen dat je niets kan, dat je waardeloos bent, ze schelden je uit. Ik hoop dat het die mensen zal lukken hun angst te overwinnen. Want of de stemmen nou van buiten of van binnen komen, volgens mij is dát de enige sleutel.

Ik weet dat stemmen altijd terug kunnen komen. Maar ik ben niet meer bang voor ze. Stel dat ze bij mij terugkomen, ik weet hoe ik me moet verzetten. Dus mij krijgen ze niet meer in hun macht!’

© Lydia van der Weide

Ga pagina terug  Ga naar boven

Heb je ook een interessant verhaal dat je (anoniem) in een tijdschift zou willen vertellen? Stuur dan een mail naar


© Lydia van der Weide