Opdrachtgevers » Nouveau » artikel ...
Tien vrouwen, tien taboes
Hoe tolerant en ruimdenkend wij ook denken te zijn, er leven nog flink wat taboes in Nederland. Tien vrouwen, tien taboes.
Kader
NTS NIPO hield vorig jaar een grootschalig
onderzoek naar de zaken waar Nederlanders zich voor schamen. Ze stelden een
lijst van de honderd grootste taboes op. Marcel Maasen en Frans Oosterwijk
schreven naar aanleiding van deze lijst een boeiend, spraakmakend boek, waarin
zij diep op alle taboes ingaan en veel achtergrond informatie bieden. Maar wat
is een taboe nu eigenlijk? Marcel Maassen: ‘Tussen fatsoensregels en wetten, zitten sociale verboden waarvan we
vinden dat we ons eraan moeten onderwerpen: onze taboes. Taboes zijn de dingen
die “niet deugen”. Ze gaan in tegen de norm. Wie een taboe schendt, kan rekenen
op afkeuring, verachting of zelfs uitstoting. Daarom schamen mensen zich er
vaak voor. Taboes zijn nuttig: ze zorgen voor een kompas om conflicten te
vermijden. Zo kunnen mensen hun gedrag op elkaar af stemmen. Tegelijkertijd
belemmert het je in je vrijheid. In Nederland zijn nog veel taboes. Maar niet
iedereen heeft dezelfde. Dat bleek heel duidelijk uit ons onderzoek. Wat voor
de een groot taboe is, daar haalt een ander zijn schouders over op.’
Taboes - 100 gevoelens waar Nederlanders zich voor schamen - Marcel Maassen en Frans Oosterwijk, Uitgeverij Balans, 2006, € 15,00. ISBN 9789050187749
Annemiek (43)
is incontinent
‘Het begon al na mijn eerste bevalling. Wanneer
ik nieste, verloor ik wat urine, als ik hard moest hoesten ook. Maar er viel
mee te leven. Een inlegkruisje was voldoende. En op aanraden van mijn arts deed
ik oefeningen om mijn bekkenbodemspieren te verstevigen. Helaas bleek het een
verloren strijd. Na nog twee kinderen moet ik iedere dag luiers dragen. Ik vind
het ronduit verschrikkelijk. Er is er maar één die het weet, mijn man. Verder
praat ik er nooit over. Hoewel ik weet dat ik de enige niet ben, voelt het voor
mij als een grote schande. Ik schaam me er zelfs zo voor dat ik de luiers
bestel via internet. Ik zie me al in een winkel ernaar vragen! Voor geen goud.
Vroeger gebruikte ik maandverband, maar dat was nog erger. Ik was altijd bang
dat ik zou doorlekken of stinken. Nu voel ik me veiliger. Maar strakke broeken
draag ik niet, sporten doe ik niet meer. Ik ben veel te bang dat mensen iets
zien. Op vakantie is het altijd schipperen: ik loop in een grote, wijde korte
broek. Bikini’s heb ik afgezworen. Ook vervelend: spontane seks zit er niet
meer in. Ik moet altijd eerst douchen. Al met al is het een kwelling. Ik ben er
iedere dag mee bezig, ik kan het nooit vergeten. En het ergste is nog dat ik
weet dat het nooit meer over zal gaan.’
Incontinent zijn: taboe 28
Zo’n 650.000 volwassen Nederlanders lijden
aan ongewild urineverlies. Het betreft vooral vrouwen boven de 65 jaar; een op
de vier vrouwen ouder dan 65 is incontinent. Maar er zijn ook talloze jonge
vrouwen die hun plas niet kunnen ophouden. Vaak ontstaat dat probleem dan na
een bevalling. Meer informatie: www.incontinentie.nl
en: www.tena.nl. (Bron: ‘100 gevoelens waar Nederlanders zich voor
schamen’)
Inge (35) heeft er spijt van dat ze moeder
is geworden
‘Toen ik zeventien was, ben ik zwanger
geraakt. Mijn eerste impuls was om de vrucht te laten weghalen. Ik hield niet
echt van de vader en ik voelde me veel te jong voor een kind. Maar ik kon het
niet. Ik vreesde dat ik altijd spijt zou houden als ik abortus zou laten
plegen. Hoe anders is het gelopen. Het is erg om te zeggen, maar eigenlijk
betreur ik het al heel lang dat ik mijn dochter toch heb laten komen. Al mijn
toekomstplannen zijn door haar gedwarsboomd. Mijn relatie liep op niets uit,
dus ik werd een alleenstaande moeder. Tijd en energie om een opleiding te doen
had ik niet, mede vanwege gezondheidsklachten. Want al tijdens de zwangerschap
kreeg ik last van bekkeninstabiliteit. Ik heb daar jarenlang last van gehouden.
Sporten, vroeger mijn lust en mijn leven, ging niet meer. Hoewel ik heus wel
van dat onschuldige, onwetende kleine meisje hield, heb ik me vaak
doodongelukkig gevoeld. Pas toen ze een jaar of zeven was, begon ik me te
voegen naar het leven dat ik leidde. Ik kreeg een vriend die gek op haar was en
met z’n drieën werden we een echt gezin. Uiteindelijk liep het fout omdat hij
ook een kind van zichzelf wilde en dat zag ik niet zitten. Toen hij vertrok was
mijn dochter net in de puberteit. Onze goede band was binnen de kortste keren
weer kapot. Ze kreeg foute vrienden, gebruikte softdrugs en lag voortdurend
dwars. De toestanden die ik met haar heb meegemaakt, dat is ongelofelijk. Het
erge is nog dat zij dat heus wel voelt hoe ik tegenover haar sta. Ze riep een
keer: “Jij haat mij, je vindt dat ik je leven heb verpest.” Door merg en been
ging me dat. Want in wezen heeft ze gelijk. Verschrikkelijk. Ik heb gefaald,
als moeder, als mens. Ik hoop dat als ze het huis uit is, we een betere band
zullen krijgen. Als dat lukt. Als zij mij ooit kan vergeven.’
Spijt hebben van je kinderen: taboe 7
Maria (39) schaamt zich voor haar botoxbehandeling
‘Vorig jaar ben ik op eigen kracht vijftien
kilo afgevallen. Ik had me in jaren niet zo zelfverzekerd gevoeld. Ik genoot
ervan eindelijk weer mooie kleding te kopen. En toen zag ik een programma over botox.
Nog nooit had ik aan zoiets gedacht, eigenlijk was ik best tevreden met mijn
gezicht. Maar natuurlijk viel er heus wel wat te verbeteren. Zou het niet leuk
zijn om mezelf te verwennen? Ik besloot de gok te wagen. Ik heb niemand iets
verteld, zelfs mijn man niet. De eerste dagen zag ik geen verschil, maar dat is
normaal. Daarna begonnen mijn rimpels te vervagen. Ik heb er precies één week
plezier van gehad. Want toen begon het mij op te vallen dat mijn gezicht op
bepaalde plekken wel erg strak trok. Op andere plaatsen kwamen er juist rimpels
bij! Mijn hele gezichtsuitdrukking veranderde, werd streng, verkrampt. Ondertussen
had mijn man nog niets gezien, nota bene. Toen ik het hem vertelde, zei hij
meteen: “Maar wie laat dat nou ook doen?” Ook de enige vriendin die ik in
vertrouwen heb genomen, reageerde afkeurend. Ze vond inderdaad dat mijn gezicht
er wat onnatuurlijk uitzag, maar veel medeleven had ze niet: ik wíst toch dat
er risico’s aan zo’n behandeling zaten? Daarna heb ik niemand meer iets durven vertellen.
En ik heb maandenlang spijt gehad. In plaats van me zeker te voelen, voelde ik
me verschrikkelijk ónzeker. De eerste tijd heb ik zelfs afspraken afgezegd,
of ik liep met een zonnebril op. Ik voelde me gewoon mezelf niet meer. Na drie
maanden begon het effect af te zwakken, maar pas na vijf maanden had ik mijn
oude gezicht weer terug. Van frustratie had ik er inmiddels alweer zeven kilo
bij aan gegeten! Gelukkig zijn die er weer af, en is mijn gezicht
precies zoals vroeger. Ooit nog botox, fillers of zelfs een echte operatie?
Nooit krijgen ze me nog naar een kliniek. Je weet niet hoe het afloopt, en een
gezond lichaam laten behandelen roept bij veel mensen toch afkeuring op. Dus
als het misgaat, sta je helemaal alleen.’
Taboe 84: cosmetische chirurgie ondergaan.
Marcel Maassen:
‘In Nederland vinden ieder jaar tussen de dertig- en vijftigduizend schoonheidsoperaties
plaats. Dat stijgt ieder jaar met vijf tot tien procent. Er zijn ook veel
mensen die zich in het buitenland laten opereren.’ Minder drastisch zijn veel gebruikte botox
of de tijdelijke fillers, omdat die maar voor een tijdelijke verandering
zorgen. Er zijn naar schatting zo’n tweehonderd klinieken in Nederland waar je
een botoxbehandeling kunt laten doen, maar er is veel wildgroei, omdat deze
klinieken zich niet hoeven te registreren. Zorg ervoor dat je bekwaam arts
vindt die weet wat hij doet.
Nancy (49) heef een geheime minnaar
‘Ik heb altijd een uitgesproken mening gehad
over vreemdgaan. Als je respect hebt voor je partner én voor jezelf, moet het
uitgesloten zijn. Míj zou het in ieder geval nooit overkomen. Wat kun je je
vergissen. Na vierentwintig jaar gelukkig huwelijk ben ik verliefd geworden op
een collega. Zinderend, adembenemend verliefd. Ik heb er tegen gevochten, maar
er was geen beginnen aan. Ik wilde hem, hij wilde mij. Eerlijk zijn tegen mijn
man, of hem verlaten, dat durfde ik niet. Want hoe verliefd mijn clandestiene
geliefde ook op mij is, hij wil bij zijn vrouw blijven. En ook ik zou niet
weten hoe mijn leven er zonder mijn vaste, jarenlange basis uit zou zien. Dus
er is maar één oplossing: zwijgen. Geheime afspraken. Stiekeme sms’jes.
Gestolen uren in de auto, als twee pubers zoenend, vrijend. Dit speelt nu al
vier maanden en hoe ik er ook van geniet, ik schaam mij minstens even veel.
Vorige week was mijn man jarig. De hele kamer zat vol visite. Al onze familie,
vrienden, kennissen, die ons al jaren zo vertrouwd zijn, waren er. Ook onze
twee kinderen, waarvan de oudste nu zes maanden zwanger is. Ik speelde de
attente gastvrouw zoals altijd, maar plotseling werd het me te veel en ben ik
naar de badkamer gevlucht. In de spiegel zag ik er bleek en gespannen uit. Ik
keek naar mijn gezicht, dacht aan de heftige seks van gisteren, waarbij we
zoveel haast hadden dat we onze kleding niet eens uittrokken, en ik geneerde me
zo. Een bijna-oma, een gerespecteerde echtgenote. Wat als het ooit uitkomt? De
schande zou werkelijk niet te overzien zijn. Ik nam me voor ontslag te nemen,
al het contact te verbreken, en gewoon terug in mijn leven glijden, zoals het
altijd was, zoals ik gelukkig was. Maar ’s avonds in bed, toen ik naar het
rustige, vertrouwde snurken van mijn man luisterde, verlangde ik alweer zó naar
mijn minnaar.’
Taboe nummer 7: een buitenechtelijke
relatie hebben.
Eén op de vijf Nederlanders is wel eens
vreemdgegaan in een vaste relatie, een op de tien zelfs meerdere malen. Dit
bleek uit een onderzoek van TNS NIPO. Veel mannen gaan vreemd omdat ze spanning
zoeken en de sleur willen doorbreken. Vrouwen worden vaker echt verliefd.
Overigens bleek dat Nederlanders een trouw volkje zijn. TNS NIPO onderzocht ook
hoe vaak Italianen, Duitsers, Fransen, Engelsen en Spanjaarden ontrouw waren,
en die bleken er meer de kantjes van af te lopen dan wij. (Bron: ‘100 gevoelens waar Nederlanders zich voor
schamen’)
Jannie (53) heeft een zoon die in de
gevangenis zit
‘Een kind hebben dat op het verkeerde pad is
geraakt, het went nooit. Ik leef er nu al jaren mee. Ik ben bij praatgroepen
geweest, heb therapie gevolgd. Dus ik zou beter moeten weten. Toch blijft het
schuldgevoel knagen. Als ik… Had ik maar… Stel dat… Maar het is niet
anders: mijn jongste zoon gebruikt drugs en pleegt inbraken. Mogelijk is hij
ook verantwoordelijk voor andere delicten. Ik weet het niet, ik wil het ook
niet weten. Momenteel zit hij vast, al voor de derde keer. En eigenlijk lucht
me dat op. Ik weet nu waar hij is, dat stelt me gerust. Ik kan hem iedere week
bezoeken; als hij vrij is, zie ik hem soms maanden niet. Maar de zorgen om hem
vervagen nooit, ik draag ze iedere dag met me mee. Zijn gedrag heeft gevolgen
gehad. Mijn man en ik zijn elkaar kwijtgeraakt. Hij verloor zich in woede, ik
in schuldgevoel. Dat botste, onoverkomelijk. Gelukkig heb ik vrienden die me
steunen, al zijn het er maar een paar. Bij nieuwe mensen verzwijg ik mijn zoon,
of ik lieg dat hij in het buitenland woont. Ik wil hun medelijden niet. Of hun zogenaamde
begrip, dat me stoort, want niemand kan begrijpen wat ik doormaak, helemaal
niemand. Maar bovenal wil ik hun verborgen verwijten niet voelen. Misschien
zijn die er niet, misschien bestaan ze alleen in mijn hoofd. Omdat ik mezelf
zoveel verwijt, en me schaam. Ik schaam me dood. Het is alsof ik gefaald heb.
Een goede moeder lukt het haar kinderen op te laten groeien tot sterke,
stabiele volwassen. Dat dat bij mijn twee andere kinderen wel is gelukt, doet
niet ter zake. Die ene, die nu vast zit, die niet wil deugen, díe bepaalt mijn
zelfbeeld.’
Een kind hebben dat in de gevangenis zit:
taboe 22
Er zijn steeds meer ouders met een kind
achter de tralies. In 1994 waren er in Nederland 8734 gevangenen, in 2004 waren
dat er bijna tweemaal zoveel (16.455). Voor ouders en andere achterblijvers
bestaat er onder meer de organisatie Slechts op Bezoek (www.slechtsopbezoek.nl) met
praktische informatie, een lotgenotenforum en zelfhulpgroepen. (Bron: ‘100 gevoelens waar Nederlanders zich voor
schamen’)
Pien (38) heeft haar man uitgekozen vanwege
zijn geld
Zeven
jaar heb ik samengewoond met mijn grote liefde. Voor mij was hij de man met wie
ik wilde trouwen, kinderen krijgen, oud worden. Dat was ook zijn idee, tot hij
onverwachts verliefd werd op een ander. Plotseling stond ons huis in de
verkoop. Afschuwelijk. Nog erger was het om weer single te zijn. Ook toen mijn
liefdesverdriet voorbij was, voelde ik me erg eenzaam. Alleen leven is gewoon
niets voor mij. Maar de mannen die ik de jaren erna ontmoette, waren het ook
niet. Tot ik Richard leerde kennen. Sympathiek, eerlijk. Niet echt knap, maar
wel een leuke lach. En: steenrijk. Hij heeft een eigen IT-bedrijf met dertig
werknemers. Dat levert hem genoeg geld op voor een prachtig huis met zwembad,
een Porsche, dure vakanties. En daar viel ik voor. Zelf heb ik altijd als verkoopster
gewerkt. Een zeer modaal salaris dus. Ik heb daar nooit onder geleden, tot ik
kennis maakte met de levensstijl van Richard. Het is fantastisch om alles te
kunnen doen wat je wilt en nergens bij na te hoeven denken. We eten in de
chicste restaurants, ik winkel alleen nog maar in exclusieve winkels. Al na een
paar maanden wist ik: deze man laat ik nooit meer gaan. Inmiddels ben ik
gestopt met werken, en hebben we twee kinderen. Ik heb alle tijd voor mijn hobby’s,
want we hebben een inwonende au pair. In mijn hart mis ik mijn ex nog wel eens,
toch weet ik niet of ik hem ooit nog terug zou willen. Dit leven bevalt me te
goed. En ik geef echt om Richard. Maar ik zou nooit met hem getrouwd zijn als
hij een eenvoudige ambtenaar was geweest. Of hij dat beseft, dat weet ik niet.
Een paar vriendinnen weten het wel en keuren het af. Maar volgens mij zouden
zij de kans ook gegrepen hebben, al zeggen ze van niet. Trouwen vanwege geld is
dan wel taboe, maar volgens mij komt het heel veel voor.’
Je partner kiezen vanwege zijn of haar
geld: taboe 26
Marcel Maassen:
‘Vrouwen die voor het geld trouwen worden golddiggers genoemd. Hoeveel er zijn
in Nederland, is niet bekend, want vrouwen zullen het niet snel toegeven. Gek
genoeg blijkt dit voor mannen een minder groot taboe. Zij schamen zich er
minder voor een vrouw vanwege haar geld uit te kiezen.’
Anna (42) is dik
‘Ik heb geen idee hoeveel ik weeg. Ik heb al
jaren niet meer op een weegschaal gestaan. Want ik wil het ook niet weten. Het
maakt me alleen maar depressief, en ik ga er toch niets aan doen. Vroeger heb
ik eindeloos gelijnd, alles heb ik geprobeerd. Niets hielp. Ik probeer nu
gezond te eten, en mezelf te accepteren hoe ik ben. Vaak lukt dat, ik zit
beduidend beter in mijn vel dan toen ik nog obsessief probeerde om de kilo’s
eraf te krijgen. Maar toch valt het niet altijd mee. Ik merk dat mensen mij in
een hokje plaatsen. Gelukkig ben ik nog niet zo dik dat ik op straat wordt
nageroepen, toch voel ik mensen altijd naar me staren als ik eens incidenteel een
patatje of gebakje eet. Dan zie je ze denken: moet je dat wel doen? Vooral op
mijn werk ervaar ik mijn gewicht als taboe. Het halve kantoor doet namelijk continu
aan de lijn. Er wordt veel over diëten gepraat, Sonja Bakker is hun grote
idool. Bij zulke gesprekken zwijg ik altijd. Ik doe alsof het langs me
heengaat, maar ik natuurlijk hoor ik het wel. En het doet pijn, want als
iedereen maar slank wil zijn, betekent dat toch indirect dat ik niet goed ben
hoe ik ben.’
Dik zijn: taboe 72
Veertig procent van de volwassen
Nederlanders kampt met overgewicht; tien procent daarvan lijdt aan obesitas.
Dat aantal groeit enorm; naar verwachting zullen in 2015 vijftien tot twintig
procent van de Nederlanders aan deze ernstige vorm van overgewicht lijden. En
dat is gevaarlijk: nu al wordt vijf procent van de jaarlijkse sterfgevallen
door overgewicht veroorzaakt. Zo kun je er hart- en vaatziekten, kanker of
ouderdomsdiabetes van krijgen. Dik-zijn kost de Nederlandse gezondheidszorg
ruim een half miljard per jaar; wanneer indirecte kosten zoals ziekteverzuim,
uitkeringslasten ook worden meegeteld, wordt dat wel twee tot drie miljard.(Bron:
‘100 gevoelens waar
Nederlanders zich voor schamen’)
Valentina (45) heeft bijna 24.000 euro
schuld (taboe 37)
‘Ik weet dat ik alleen maar kwaad op mezelf
moet zijn, toch ben ik ook woedend vanwege het gemak waarmee banken en andere
instanties je geld lenen. Het wordt allemaal zo mooi voorgespiegeld, alsof ze
je een gunst verlenen. Maar de rente is onmenselijk hoog. Het is zo stom je
ogen daarvoor te sluiten. Ik snap werkelijk niet hoe dit mij heeft kunnen
overkomen. Het is misgegaan toen mijn ex en ik vier jaar geleden uit elkaar
gingen. Onze al bijna volwassen kinderen bleven bij hem. Ik zat in een diepe
put, en probeerde daar uit te komen door het nieuwe huis, waar ik met grote
aversie introk, zo leuk mogelijk in te richten. Veel geld had ik niet, maar
lenen ging gemakkelijk. Eigenlijk was dat altijd tegen mijn principes geweest,
maar ik wilde mezelf verwennen. Haast ongemerkt werd het meer en meer. En de
afbetaling ging me eenvoudig af. Ja, tot ik mijn baan kwijtraakte. Inmiddels
heb ik ander werk gevonden, maar ik verdien nu beduidend minder. Toen pas kreeg
ik in de gaten hoeveel geld er verdwijnt aan rente. Hoewel ik een redelijk
salaris heb, verdwijnt er iedere maand zo veel geld, dat ik toch altijd krap
zit. En alle kostbare spullen die ik inderdaad gekocht heb, zijn alweer verouderd.
Ik ben zo ongelofelijk stom geweest. Ik weet werkelijk niet hoe ik er ooit nog
vanaf kom. Met het salaris dat ik nu heb zal het altijd een gevecht blijven. Sinds
een paar maanden heb ik een nieuwe partner. Tot nu toe heb ik hem uit schaamte
niets verteld, maar als we over samenwonen gaan denken, kan ik het niet langer
verzwijgen.’
Schulden hebben: taboe 37
Marcel Maassen:
‘Tien procent van de mensen in Nederland heeft schulden. Vergeleken met tien
jaar geleden is dat aantal enorm gegroeid. Het consumentenkrediet was in 1995
nog 10 miljard euro, in 2004 was dat al 18 miljard. Vooral het rood staan op
de betaalrekening is in die tijdsperiode explosief gestegen; van een miljard
naar zeven miljard. Het is steeds moeilijker voor mensen om hun schulden af te
betalen, omdat veel vaste lasten zijn gestegen, maar de inkomens niet. Het blijkt
dat vooral jongeren grote schulden hebben.’
Veronique (40) steelt wel eens wat van haar
werk
‘Ik werk als secretaresse op een groot
advocaten- en notariskantoor. Hoewel ik heel tevreden ben met mijn salaris,
moet ik tot mijn schaamte bekennen dat ik dat in het geheim wel eens aanvul. Zo
neem ik af en toe een pak printpapier mee. Dat gaat zo makkelijk, er liggen
zulke grote stapels in de kast, dat valt niemand op. En dat scheelt toch weer
een euro of vijf. Ook pennen neem ik wel eens mee, en andere kantoorartikelen. Wat
nog het meeste oplevert, zijn lege inktcartriges; we hebben een grote bak staan
en daar haal ik wel eens wat uit om bij een winkel in te leveren. Daar voel ik
me in mijn hart wel bezwaard over, omdat ik er immers geld voor terugkrijg. Pennen
en blocnotes, dat andere kan ik voor mezelf wel redelijk goedpraten. Het is zo’n
groot bedrijf, er gaat zoveel geld om… Toch weet niemand het, alleen mijn man.
Hij heeft een eigen bedrijf met drie werknemers. Hij moet altijd lachen als ik
met een pak printpapier thuis kom. Zo, jij haalt terug wat ze van mij meenemen,
grapt hij dan. Maar dat is onzin, want hij heeft goed overzicht op wat er daar
gebeurt. Bovendien kan ik me niet voorstellen dat zijn personeel dat zou doen. Hij
gaat zo goed met hen om, het is haast een vriendenclub. In zo’n situatie zou ik
het ook nooit doen. Maar bij een groot, onpersoonlijk bedrijf van verschillende
compagnons, kan het me minder schelen.’
Iets waardevols stelen van je werkgever:
taboe 3
Marcel Maassen:
‘Stelen van de baas wordt ook wel interne criminaliteit genoemd. Het meest
wordt gestolen in de horeca en in de detailhandel. In de detailhandel wordt
naar schatting twintig tot veertig procent van de diefstallen door de eigen
werknemers gepleegd. Veel voorkomende vormen van bedrijfsdiefstal zijn: koffie
en wc-papier meenemen, illegaal kopiëren en frankeren, valse declaraties
indienen, en apparatuur en relatiegeschenken stelen.’
Erica (41) heeft een hekel aan haar
schoonfamilie
‘Na mijn scheiding ben ik zeven jaar alleen
geweest. Te lang; zeker de laatste jaren verlangde ik sterk naar een partner.
Rik kwam als een geschenk uit de hemel. Niet alleen ik, maar ook mijn kinderen
zijn dol op hem. De jongste noemde hem binnen een maand papa. Sinds Rik bij ons
woont, is ons leven vele malen aangenamer geworden. Er kleeft maar één minpunt
aan hem: zijn familie. Ik begrijp niet dat zo’n leuke man zo’n vervelende,
irritante moeder en zus kan hebben. Sinds het overlijden van Riks vader zijn
zij met z’n drieën erg close. Hoe ik ook probeer dat contact te respecteren,
het werkt me op mijn zenuwen. Ik vind iedere dag bellen met je familie gewoon
overdreven. En ze komen minstens twee maal per week langs. Riks zus is erg
druk. Ze vindt alles ‘enig’ en ‘waanzinnig’. En ze bemoeit zich met alles. Ik
begrijp dat Rik haar kleine broertje is, maar ziet ze niet dat hij inmiddels al
lang een volwassen man is? Zijn moeder is zo mogelijk nog erger. Ze koopt zelfs
nog zijn onderbroeken! En Rik laat het zich allemaal aanleunen. Kennelijk is
hij dit altijd zo gewend, hij lacht erom. Ik niet. Ik vind het tenenkrommend.
Maar tegen hem durf ik er niets over te zeggen. Ik wil hem niet kwetsen.
Bovendien accepteert hij mijn kinderen met heel zijn hart; mag ik dan
commentaar hebben op zíjn familie? Maar ook tegen vriendinnen houd ik mijn
mond. Zij begrepen niet dat ik zo snel met Rik ben gaan samenwonen. Nu heb ik
het gevoel alsof ik daarom ook geen negatief woord over hem mag zeggen. Dus ik
verbijt het maar. En doe aardig, vrolijk, enthousiast. Maar ik weet niet
hoelang ik dit nog zal kunnen volhouden.’
Een hekel hebben aan je familie: taboe 60
© Lydia van der Weide
juni 2007
Heb je ook een interessant verhaal dat je (anoniem) in een tijdschift zou willen vertellen? Stuur dan een mail naar







